In Memoriam J.P. Willems of Brilman

Naamloos

Herinneringen aan de heer J.P. Willems of Brilman

21 – 12 – 1932 |  09 – 06 – 2015

door Marijke Bell van Eerd

Met het heengaan van de heer Willems of Brilman is de boekbindwereld een markante handboekbinder armer geworden.

De heer Willems was een handboekbinder in hart en nieren. Tot voor kort nog regelmatig aan het werk achter de boekbindtafel. Zijn hele arbeidzame leven heeft hij aan het handboekbinden besteed. In een tijd dat het vak van handboekbinder er niet meer toe leek te doen en in Nederland steeds meer opleidingen werden opgeheven, startte de heer Willems met hulp van zijn echtgenote een eigen bedrijf en begon les te geven. Eerst in Wassenaar en later aan ’t Ambachthuys in Den Haag (“op” Scheveningen).

Je had een bijzondere tijd als je in die beginperiode je opleiding aan ’t Ambachthuys volgde. Het was eerst wel even wennen aan die kleine man die zo zijn eigenaardigheden had. Niet altijd makkelijk maar als je de “gebruiksaanwijzing” van de docent min of meer doorkreeg had je er een mooie tijd. Want de heer Willems bleek ook een man met een groot gevoel voor humor. Er werd hard gewerkt maar ook veel en vaak gelachen. Er stroomden wel eens tranen van boosheid en frustratie maar vaker van het lachen, daar achter in de keuken bij de koffie met speculaas. Daarna weer snel aan het werk waarbij je niet moest “tuttemerullen”. Je werd altijd bij je achternaam genoemd. Iedereen meneer of mevrouw. Dat schept duidelijkheid. Als je het hele traject van jong-gezel en gezel volgde was je minstens twee en een half jaar lang iedere week een hele dag op ’t Ambachthuys. Er ontstonden levenslange vriendschappen en soms ontstond er een romance tussen twee leerlingen. Die voor iedereen duidelijk was behalve voor de meester. Daar hield hij zich niet mee bezig.

Het instandhouden en doorgeven van het vak was zijn missie. Niet alleen het ambachtelijke wilde de heer Willems doorgeven maar ook het kunstzinnige en de historie van het vak. Daartoe werden reisjes georganiseerd. Een bus werd gehuurd en vaak ging het dan richting België. Bijvoorbeeld naar Bibliotheca Wittockiana in Brussel met de beroemde August Kulche als gids. Ja, dat had de heer Willems dan toch ook weer goed voor elkaar. Museum Plantijn in Antwerpen en gerenommeerde ateliers werden bezocht. Uiteraard was er speculaas onderweg in de bus en een gezellige lunch in de stad die bezocht werd. De heer Willems was dan in zijn element. Tussen zijn (oud) leerlingen in een mooie boekenwereld.

Als je voor jezelf begon werden de verhoudingen weer even anders. Moeilijk te peilen wat er in hem omging. Enerzijds trots op zijn leerling, maar als je ook nog les ging geven was er anderzijds ook iets van ongemak voelbaar. Zag hij je als concurrent? Maar ja dat hoort bij opleiden en doorgeven. Gewoon blijven doen en hem blijven groeten, dan kwam het vanzelf weer goed. “Dag meneer Willems, hoe gaat het met u?” brak het ijs alweer. Een ferme hand en warme lach met zijn bekende pretoogjes kreeg je als antwoord. “Ja goed hoor en met u?” Het was goed om hem regelmatig tegen te komen. Op de Boekkunstbeurs in Leiden en niet te vergeten op Koppermaandag in ’t Ambachthuys. Je had daar ooit zelf gestaan met je examententoonstelling. Feestelijke diploma-uitreiking met een corsage gemaakt en opgespeld door mevrouw Willems. Maar Koppermaandag 8 januari 2007 was de heer Willems zelf aan de beurt. Hij kreeg toen een zeer verdiende ridderorde opgespeld. De heer Willems zoals altijd, in zijn zwarte pak met vlinderstrik het stralende middelpunt. Zoals hij ook ieder jaar staand op een trapje het zingen van het Binderslied aanhief. Na afloop een Kopperprent mee naar huis. En nog weer later de tentoonstelling met Kopperboeken.

Zoveel goede herinneringen met zoveel mensen te delen. Want de heer Willems heeft het vak aan veel mensen doorgegeven. Daar zijn weer heel wat initiatieven uit voortgekomen. Het vak handboekbinden is blijven bestaan. De olievlek heeft zich verder verspreid. De heer Willems of Brilman heeft het vak over de moeilijke tijd heen getild. Zonder hem waren we zoveel armer geweest.

Dag meneer Willems. Hartelijk dank voor alles wat u voor boekbindend Nederland betekend heeft.

– – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – –

Onze gedachten gaan uit naar zijn echtgenote en alle andere nabestaanden.
Wij wensen hen veel sterkte toe.

Het bestuur

Willems of Brilman